Adriaan Morriën

Adriaan Morriën (1912-2002) was dichter, schrijver, criticus en vertaler. Hij werkte tot 1941 als leraar Frans; na de Tweede Wereldoorlog wijdde hij zich geheel aan zijn literaire werk. In zijn gedichten schreef hij veel over liefde en erotiek en met name over de schaamte, die daar meestal mee samengaat. Morriën vertaalde meer dan twintig boeken, waaronder werk van Heinrich Böll, Albert Camus en Max Frisch. Als recensent was Adriaan Morriën verbonden aan Het Parool en Vrij Nederland.

Adriaan Morriën – Hoe voelt het om oud te zijn?

Ik ben nu oud, het wordt door zovelen gezegd.
En als het niet wordt gezegd, dan wordt het verzwegen.
Ik lees het in elke blik die zich op mij richt,
in elk gebaar dat in mijn richting wordt afgegeven,
in elke groet die in het niets wordt geschreven,
in elke zucht, in de glimlach die mij overslaat.

Hoe voelt het om oud te zijn? wordt mij gevraagd.
Het voelt lang niet slecht, geef ik eerlijk toe.
Het voelt vaak goed niet zo lang meer te hoeven leven
en afscheid te nemen van jou, u, jullie, voorgoed.
Maar je bent wel ver van je geboorte afgeraakt
en nu werkelijk heel dicht bij de dood gedreven.

Soms, als je de hoek van een straat omslaat,
het is winter, voel je zijn adem brutaler dan toen
je nog jong was, en sterk, en een stootje kon geven.
Je voelt je tot onder je kleren koud, en heel naakt.
Je gruwt van de dood, al is het slechts even.
Kom, gauw naar huis, denk je, want je voelt je geraakt.

Uit: Verzamelde gedichten, 3e dr. Amsterdam, Uitgeverij G.A. van Oorschot, 2000; oorspr. uit Een toegevoegd zintuig, 1992

Het gedicht ‘Hoe voelt het om oud te zijn?’

Het gedicht komt uit 1992 (is in ieder geval in 1992 gepubliceerd). Morriën was toen tachtig en zou nog zo’n tien jaar leven. Morriën schreef meer over het ouder worden, bijvoorbeeld in het gedicht ‘Ouderdom.